te Rome wegviel , daar L. Mümmius de Tp.1 n der Oieons (kleine overdekte Schouwburgen, waa in, de- wyl voor een dadelyk Tooneel QSqena') geen plaats tvas, Hechts de Thymeie behouden werJ) op eenen Romemichen Schouwbrug, en gevoigeiyk van het Tooneel zelve ge* ven liet: want geen Rnmtlrfche Schouwburg had als de Griekfche naast het Tooneel een Thymeie. Tot zulke fpelen waren ’er toenmaals in Eurnpjsch en Aziatisch Griekenland geoefende Touneelgezelfchappen onder een oppeihoofd, die zich aan de hoven en deden tot feestelyke Ipelen verhuurden. Even als [ leit- dï;s zulke gezdichap- pen naar Jeruzalem u-tnoodigde, had ook reeds omtrent 300 jaren vroeger Antigqnus door uitgeloofde pryzen dergelyke naar Antigonu gelokt voor ipelen, die hy daar geven wilde. Zy vertoonden alleen, de door hun geleerde (lukken meest van oude Dichters; ten minde raen vindt geene fporen, dat hunne opperhoofden zelf voor nieuwe dokken zorgden. Zy bragten dus ook hunnen apparatus fcenicus mede; maar tcj rulalem lchafte zich Heuodes uit zucht VQor pracht en om de fpelen meer luister by te zenen zich zei ven de kleedeien aan, waarin de Toonkunstenaars eh Thymeuci moesten''optreden. Uit de bygebragte omdandighedyn volgt van zelfs, dat geene g£bo v en Joden op den Schou wburg tè Jeruzalem zullen verfchenen zyn ; hoe konden zy‘ ook voor Tooneelvertooningen, die langdurige oefening vorderen-, gefchikt zyn, daar ten minde voor de fcmnen- ïanifchen een Schouwburg eene grome nieuwigheid en iets ongeziens was? De ftukken, die op dezen Paitsrynichen Schouwburg gegeven werden, waren dus ook zeker niet in de Syrisch Chaldecuwfche, maar in dc Griekfche tale, toen de tweede landtaal van Palestina, vervat; en kon men al deze woorden der zangers niet verdaan, dan hield men zich, zoo ais de meeste 0nzerOpen1.be- zoekers, met de m chinery, de muzyk en ue pracht der Uitvoering te vreden.
Echte ouderwetfche Pdestynfche Joden ergerden zich zeer aan de tooneelmarige iungtingen der Ilcrodafen; vooral drekten hun de trofeen, die zy voor afbeeldingen van merdehen aanzagen, als eene nntw\ding van hunne heilige Stad, tot een’ waren gruwel; toonceiver- tooningen lchynen onk in Palestijn, waartoe ook het fpoedig daarop gevolgde lot der Hoofddad kan toege- fcragt hebben, airyd iets vreemds gebleven en nooit
D 5 den