lio

CARCINOMA.

(,'Jf Jft/Sli. & fi f.*~A- fepiifl

ftrus 1773- /S^i

J31& . J fi-jy

iy

f ijtf.

a r»S .

1+7 Jt'f* -

■■’ t U t-^JL

Sic Camper Cancrum Mammae insanabilem declarat, simulae aegri dolorem in glandulis absorbentibus inter cartilagines costarum et ossa

r..t-f?}sha. , . , yd . .

sten» sitis sentiunt; ternota enim et i am Mam­ma carcinomatosa ex bis glandulis, quas nempe culter attingere nequit, recrudescere carftinoina vidit.

Confirmarunt Camperi animadversiones in- primis inter alios van Wy et Coopmanns o).

Sed audiamus ipsum autorem.

,,Alle Geneesineestres“— inquit Caaiper p ) — ,,liebben zig, zoo veel my bekend is, alleenlyk „toegelegd op liet onderzoek der Klieren van den „Oxel en van den zydelingsclien omtrek der „Mam , en de Afzetting dan alleenlyk afgeraa- „dten, wannqr deeze angedaan of opgezet Avaren. „Dog hieromtrent is hunne hoop dikwerf verydeld „geworden, om dat de Kanker, ofschoon deeze „Klieren op een allernamvkeurigst onderzoek „geheel vr^r gekend wierden door allerkundigste „Mannen, eVenwel vreder ontstak of In de byna „geneezene Wonde , of kort naa dat bet wond- „teken geheel volkoomen was, of in de audere „Mam op niemvs lievig woedde, gelyk door „Tp.innER en anderen is waargenoomen.“

,,Geene Gelegenlieden hebbende laaten voor- „bygaan om deeze Ongemakken en derselver uit- „komsten te zien en naa te gaan , vond ik een

o) Locis supra citatis. ‘

p) Over den waareu Aart der Kankerwording. p. 7.